Rodin noemde zichzelf
graag een man van het volk door er aan te herinneren dat hij `tot zijn
vijftigste al de zorgen van de armoede had gekend. Daarna veranderde zijn
leven sterk. Terwijl hij door kunstkopers en adellijke dames werd nagelopen,
en in zijn atelier jonge volgelingen en beroemde modellen elkaar verdrongen,
werd hij uitgeroepen tot één van de grootste beeldhouwers van die tijd. In
zijn laatste Jaren ontving de maître heel hoffelijk het bezoek van
Edward VII van , maar sloeg hooghartig een verzoek van keizer Willem II voor
een buste van zijne majesteit af. George Bernard Shaw betaalde de aardige som
van 1000 pond - vandaag de dag minstens gelijk aan 60.000 Euro - voor een
portretbuste in marmer.
De toneelspeelster Eleanora Dure kwam een voordracht
houden voor Rodin, en Wanda Landowska voor hem op haar klavecimbel spelen,
zoals Isadora Dunken voor hem had gedanst. De schilder Paul Cézanne viel voor
hem op zijn knieën uit dank voor een handdruk. Hij kreeg een eredoctoraat van
Oxford en de gouden medaille van Grootofficier in het Legioen van Eer. Hij
werd geëerd door dichters en staatslieden. De Duitse dichter Raider Maria
Rijke, die korte tijd zijn secretaris was, bezong Rodins beelden als:
'onoverwinlijke... transcendentale... niet te overtreffen realisaties.'
Guillaume Apollinaire, een lid van de in armelijke omstandigheden levende
bande picasso o die in de cafés van Montmartre samenkwam rond de jonge,
opgewonden schilder uit Catalonië. prees Rodins werk als `subliem'. Robins
wereldwijde invloed werd door niemand gevenaard tot Picasso zelf een
belangrijk kunstenaar werd. Tussen beide mannen, die elkaar waarschijnlijk
nooit hebben ontmoet, bestonden opvallende overeenkomsten in inventiviteit,
persoonlijke aantrekkingskracht en energie, hoewel latere generaties hen
mogelijk als twee geheel verschillende werelden zullen beschouwen. Ook de
voortdurende controverses bleven een deel van Rodins roem vormen. In de stad
Nancy brak bijna een rel uit toen een menigte de onthulling van een monument
van Rodin verstoorde uit protest tegen de schetsmatige manier waarop hij de
paarden had weergegeven .In de jaren negentig heerste er aanhoudend
opschudding over het beeld dat hij onder handen had van de kort te voren
overleden schrijver Honoreer de Balzak. Tenslotte werd het voltooide werk door
de litteraire commissie die de opdracht had gegeven geweigerd daar het
`artistiek tekort schoot'. ('Een minderwaardige en krankzinnige nachtmerrie,'
noemde een criticus het.) En - het allergrootste schandaal - tijdens de
Wereldtentoonstelling van 1893 te Chicago werd De kus van Rodin
opgeborgen, daar hij niet geschikt was om in het openbaar getoond te worden.
Rodin behoorde natuurlijk
tot de kunstenaars waarvan de Amerikanen werken tentoon wilden stellen, maar
toen men de kratten met zijn zendingen had geopend bleek dat het
belangrijkste stuk De kus was, zijn realistisch weergegeven
liefdespaar. Voor de geschokte tentoonstellingsautoriteiten maakte het geen
verschil dat De kus onlangs door de Franse staat voor 20.000 francs was
aangekocht. Men kon liet eenvoudig in Chicago niet tentoonstellen. En zo
gebeurde het dat bezoekers van de tentoonstelling aangemoedigd werden kaartjes
te kopen om in het lunapark naar buikdansers te gaan kijken, terwijl De kus
opgeborgen stond in een afgesloten kamer van het tentoonstellingsgebouw,
waartoe men alleen op persoonlijk verzoek toegang kreeg.
Toch was niet iedereen zo preuts. Niet lang nadat De kus in Chicago voor het eerst
getoond, of beter gezegd niet getoond was, bestelde een in Engeland
woonachtige Amerikaanse verzamelaar voor 1000 pond een kopie in Pentelisch
marmer, terwijl hij door zijn agent uitdrukkelijk liet specificeren, dat hij
het beeld zo duidelijk mogelijk wilde hebben: `L'organe genitale de 1'homme dost être
complet.' Na verloop van tijd werd De kus (niet noodzakelijkerwijze
complet) zo algemeen bekend dat het bijna een stereotiepe afbeelding werd
op omslagen van sentimentele romans en boeken over seksualiteit. Rodins
gespierde peinzende Denker uit 1880 was echter bestemd nog beroemder,
ja zelfs een soort talisman te worden - misschien wel één van de meest
gereproduceerde beeldhouwwerken van alle tijden. Er zouden in serie
vervaardigde metalen of plastic `Denker' boeksteunen verschijnen in de
warenhuizen, koperen `Denker' voetstukken voor lampen, zandstenen `Denker'
kopieën voor de portalen van uitleenbibliotheken en letterenfaculteiten van
universiteiten; hij zou worden afgebeeld in advertenties voor body-building,
voor cursussen in algemene ontwikkeling en zelfs in een reclame voor een
elektrische machine met ingebouwde `hersens'.
Tegen de tijd echter dat de populaire smaak
zich op deze wijze van Rodins werken meester begon te maken, wendden de
mensen met een meer ontwikkelde smaak, voor wie hij zijn kunst eigenlijk had
bedoeld, zich steeds meer van hem af. Hij was te algemeen bekend, te veel
tentoongesteld - en ironisch genoeg gold die bekendheid hoofdzakelijk een paar
beelden die helemaal niet zijn beste waren. De werkelijk originele groep van
de Burgers van Calais, en zijn meesterwerk, het beeld van Balzac,
waar hij zeven jaar aan werkte, werden nooit in die mate populair.
Serieuze liefhebbers werden zijn kunst beu en velen begonnen haar als
gedateerd en banaal te beschouwen, vooral ook daar de smaak op kunstgebied na
verloop van tijd zich in andere richting begon te ontwikkelen.
Tegen de achtergrond
van zijn tijd tekent de figuur van Rodin zich meer dan levensgroot af - als
iemand die behoort tot het geslacht van die onstuimige Titanen, die een heel
tijdperk in hun ban hielden door de macht van hun verbeelding en de geweldige
omvang van hun werk. De gedachte komt op aan Balzak met zijn Komedie
humahie, aan Victor Hugo met Les miserabelen, aan Tolstoi met zijn
Oorlog en vrede, die eigen werelden wisten te bevolken; aan Zola met
zijn romancyclus over één door hartstocht beheerste Franse familie, en aan
Richard Wagner met zijn stormachtige Ring der Nibelungen. Ook Rodin is
een man met één groot thema, een personificatie van elke soort hartstocht, een
kunstenaar die alle vreugden en tragedies van het bestaan tot uitdrukking
brengt. Zijn beeldenpark bevat een hele bevolking - ontwakende jongelingen,
gelukkige of bedroefde geliefden, charmante maîtresses, wijze
burgers, zieners, lijdenden. Oude afgeleefde mannen en vrouwen, en een
beweegelijk gezelschap van nymphen, bacchanten en centauren die hun klassieke
rollen spelen.
Het realistische vermengt zich met het symbolische, in
allegorieën van het ontwaken en vergaan van het vlees, van de koude seizoenen
en de wedergeboorte van de lente. Rodin heeft de grootse stijl die in de
eerste plaats aan Michelangelo doet denken en waarbij alle lichamen omgeven
zijn door het waas van een noodlotsbestemming, en waarin zelfs de
onbetekenender nog indrukwekkend schijnen. Alles bij Rodin is groots of wekt
die indruk. Hij is misschien