ik door mijn belachelijke
opvoeding niet bang was geworden, me had teruggetrokken, en hem in paniek had
weggestuurd... Hoe jammer! Hoe dikwijls heb ik dit kinderlijke wanbegrip
betreurd, waardoor ik de goddelijke kans miste om mijn maagdelijkheid aan de
Grote God Pan zelf, aan de Almachtige Rodin, te offeren. Ongetwijfeld zouden
de Kunst en het gehele Leven er rijker door zouden zijn Rooide!'
Rodin Rodin vuur en de
heftigheid die Isadora opmerkte, waren de grondtrekken van Rodins karakter.
Hij was in staat direct te reageren op een aanblik of een vorm - of op een
impuls. Deze trek die zijn puur mannelijke drift te boven ging, was de sleutel
tot veel van zijn werk. Rodin probeerde liet gevoel van opwinding van het
bewegende menselijke lichaam tot uitdrukking te brengen louter door middel van
zijn buigingen en snelle veranderingen. Om spontaniteit te bereiken, middel
hij fenomenaal snel. Onmiddellijk zette hij zijn reactie op de wisselende
bewegingen van het model om in een klephoorn of een potloodtekening in een
schetsboek, steeds onvoldaan en steeds opnieuw beginnend. In de kelder van het
Rodin Museum in Meudon, in de buurt van Parijs, zijn kasten vol hoofden,
torso's, benen, armen en handen. Soms vervaardigde hij meer dal] een half
dozijn hoofden of handen in één dag, terwijl hij de klei met zijn vingers of
een pennenmes modelleerde, om daarna de resultaten allemaal af te keuren. Bij
een dergelijke honger en gedrevenheid tot scheppen, was de handzame klei zijn
aangewezen materiaal. Hij maakte talloze kleine kleimodellen en maquettes
totdat hij een ontwerp had dat hem beviel. Dan liet hij een assistent van
hout, draad, buizen en spijkers een geraamte maken op ongeveer een derde of de
helft van de grootte van de figuur die hij uiteindelijk wilde vervaardigen.
Terwijl hij een gipsafgietsel van zijn oorspronkelijke ontwerp als voorbeeld
gebruikte, bouwde Rodin op het geraamte eerst een kopie, met behulp van de
klonten en klodders klei die zo kenmerkend voor zijn werk waren, terwijl hij
veranderingen in het werk aanbracht, naarmate dit onder zijn handen groeide.
Als hij over dit grote model, dat met natte doeken vochtig werd gehouden,
zodat hij het telkens weer kon bewerken, tevreden was, liet hij zijn
assistenten een geraamte op ware grootte maken. Dan begon Rodin de procedure
opnieuw - het aanbrengen van de klei, terwijl hij hier een flinke duw gaf om
de boog van een biceps karikaturaal naar voren te halen, ergens anders een
heel lichte druk van de vinger gebruikte om een trillende beweging of een spel
van licht op te roepen. Vervolgens werd van de voltooide figuur een gipsen
afgietsel gemaakt, dat eventueel als basis zou kunnen dienen voor een bronzen
versie. In sommige gevallen werd de kleifiguur in de oven gebrand tot een
terra-cotta.
Indien één van zijn werken in marmer moest worden uitgevoerd,
bemoeide Rodin zich nauwelijks niet dit karwei: deze bewerking liet hij bijna
geheel over aan zijn ateliertechnici. Deze plachten een gipsafgietsel van het
werk als voorbeeld te gebruiken, en dan in een marmeren blok gaten te boren
tot op van te voren vastgestelde dieptes, en daarna de steen weg te hakken
tot zij het oorspronkelijke afgietsel hadden gekopieerd. Rodin bracht maar
zelden correcties met de beitel aan, hij vond het werken met marmer saai en
gaf de voorkeur aan de uitdaging die de klei hem gaf. Door deze vorm te geven
en met zijn vuisten te bewerken, gaf hij uiting aan zijn overtuiging dat
gebroken oppervlakken de essentie van de beeldhouwkunst vormen. De
karakteristieke delen van een werk, meende hij, moesten uitsteken om het licht
op te vangen: de zwakkere delen moesten uitgehold worden om schaduw te vangen.
Uitspringende en holle delen moesten elkaar aanvullen om de zin van het geheel
tot uitdrukking te brengen. `Het vormgeven van de schaduw is het naar voren
brengen van de gedachte,' merkte hij eens op. De marmeren kopieën van zijn
werk, die zijn leidende hand misten, waren meestal zachter en meer gepolijst
dan het origineel. Rodins voorkeur voor het werken met zacht materiaal was
geenszins ongebruikelijk. Deze methode paste geheel in de traditie der
westerse beeldhouwkunst, en slechts weinig kunstenaars na M Michelangelo
hadden getracht de methode van deze Florentijnse kunstenaar te evenaren, die
met de steen worstelde `om de figuur uit het marmer dat haar gevangen houdt te
bevrijden', zoals hij het zelf uitdrukte. Rodin was evenmin uniek in zijn
dramatische uitdrukkingskracht.
Op dit punt had hij veel geleerd van de
sculptuur der barok. Het uitzonderlijke was bij hem gelegen in de virtuositeit
waarmee hij zijn medium behandelde, in de vinnigheid van zijn aanpak, en zijn
vermogen emotie in een tastbare vorm te gieten. Het deed er niet toe of een
opgeheven hand, een bewegend been, of een gedraaide hals niet overeenkwam met
de juiste, academische proporties: belangrijk was de uitdrukkingskracht!
Rodin was niet alleen één
van de meest expressieve beeldhouwers, maar tevens één van de productiefste.
Hij vervaardigde duizenden bustes, figuurtjes, beeldhouwgroepen en
fragmenten. Juist deze overvloed heeft hem min of meer onrecht gedaan: daar
hij in de geschiedenis bekend staat als een beeldhouwer, zijn veel van zijn
andere talenten onopgemerkt gebleven. Hij was een onvermoeibaar tekenaar en
aquarellist: ongeveer 7000 van zijn tekeningen, die in het depót van het Rodin
Museum te Parijs bewaard worden, zijn nog nooit tentoongesteld. Hij maakte
ook olieverfschilderijen, vooral toen hij in de dertig was. Bovendien was hij.
Voordat hij met beeldhouwen geheel in zijn levensonderhoud kon voorzien, één
van de aardigste professionele ontwerper en decorateurs van Frankrijk, die
alle„ vervaardigde, van gebeeldhouwde Iedikanten voor IC boudoirs van elegante
courtisanes tot carvaticlen voor portico's en ontwerpen voor Sèvre,porcelein.
Daar hij belangstelling had oor de Middeleeuwen ging hij de geschiedenis van
bestuderen als een verzamelaar van klassieke kunst, hield in het openbaar en
in besloten kring lezingen over esthetica en over de intensiteit van de
literatuur.
Hij begon zijn loopbaan
als leerling-decorateur in een trieste goot van Parijs en aan het eind van
zijn leven was hij één erom de meest geziene en gezochte
persoonlijkheden van Europa. De weg daartussen was hard. Tot na zijn
veertigste jaar was beeldhouwen een zuivere luxe voor hem. Economische
noodzaak dwong hem zijn grootste deel van zijn tijd aan normaal betaald werk
te besteden, eerst als ambachtsman, later als decorateur met eigen opdrachten.
In de jaren tachtig begonnen de werken die hem het dierbaars waren enige
erkenning te vinden - de ene keer een prijs van een Salon, de andere keer een
geïnteresseerde koper. Maar pas in 1889, door zijn gezamenlijke
tentoonstelling met Monet en de opschudding die hij kort daarop op de
Wereldtentoonstelling veroorzaakte, maakte Rodin naam en begon zijn invloed
tot buiten de hoofdstad van de wereld uit te stralen.